Motorpostrijtuigen

Postvervoer per spoor vindt al sinds het ontstaan van de spoorwegen plaats. In getrokken treinen rijden speciale postrijtuigen mee, er rijden aparte nachtposttreinen en speciaal voor de dienst met treinstellen worden eind jaren '30 stroomlijnpostrijtuigen met automatische koppelingen ontwikkeld. Omdat het groeiende postvervoer in reizigerstreinen voor steeds meer vertraging zorgt, wordt in de jaren '50 besloten het postvervoer deels onafhankelijk van het reizigersvervoer te maken. Tussen 1956 en 1960 zijn 25 Blokkendoosrijtuigen omgebouwd tot motorpostrijtuigen. Ter vervanging van het Materieel '24 besluiten NS en PTT in 1963 om tien motorpostrijtuigen te bouwen. Al snel wordt deze bestelling uitgebreid. Werkspoor bouwt tussen 1965 en 1966 uiteindelijk 35 motorpostrijtuigen van de serie mP 3001-3035. Gelijktijdig met de ontwikkeling van de rijtuigen ontwikkelen NS en PTT het zogenaamde sternet van expeditieknooppunten. Dertig jaar later staakt de PTT het postvervoer per spoor. Een aantal overbodige motorposten rijdt enige tijd voor NS Cargo. Enkele rijtuigen zijn omgebouwd tot meetrijtuig. Eén exemplaar is opgenomen in de collectie van het Nederlands Spoorwegmuseum.

Motorposten 3009 en 3001 genieten op 4 maart 1994 in Zwolle van hun weekendrust.De nieuwe motorposten krijgen vrijwel dezelfde kop als het Materieel '64. De ramen zijn gelijk, maar de neus is platter zodat er ruimte is voor een bufferbalk. Ook voor de aandrijving wordt gebruik gemaakt van dezelfde techniek als bij de Plan T-treinstellen. De rijtuigen krijgen normale schroefkoppelingen en buffers. Zo kunnen ze goederenwagens en postrijtuigen uit de series Plan C en Plan L meevoeren. Ze krijgen dezelfde bruine kleurstelling als de oude blokkendoos-motorposten. De PTT is eigenaar van de motorpostrijtuigen. Naast de cabinedeuren is het logo van het bedrijf aangebracht. NS onderhoudt en exploiteert de rijtuigen.

Museummotorpost 3031 wordt op 17 mei 2014 overgebracht van het Spoorwegmuseum naar de Amsterdamse Zaanstraat. Het rijtuig rijdt mee in een convooi museummaterieel dat naar de loods in Blerick verhuist. Wanneer trekkracht 1202 in Amersfoort kopmaakt, wordt de stroomafnemer van de Motorpost even tegen de draad gezet voor de aanwezige fotografen.In 1976 krijgen de 3016 en 3017 NS-gele koppen en PTT-rode zijwanden. Op de zijwand is driemaal de tekst 'ptt post' aangebracht. De overige motorrijtuigen krijgen tussen 1981 en 1985 de nieuwe huisstijl aangemeten. Naar aanleiding van de privatisering van de PTT krijgt de 3026 in 1989 een nieuwe bestickering. De tekst 'ptt post' wordt een aantal keer in grotere letters diagonaal over het rijtuig gestickerd. De overige rijtuigen krijgen tussen 1989 en 1990 een nieuwe, minder drukke bestickering. Ook de 3026 wordt in deze uitvoering bestickerd.

Op 1 september 2014 is mP Jules als meetrijtuig BRT-91, inmiddels voorzien van een opvallende dakconstructie, bij Dijkerhoek onderweg van Twente naar Amersfoort.Vier motorposten gaan door brand vroegtijdig buiten dienst. In 1970 branden de 3010 en 3021 uit. Beide motorposten zijn in 1974 gesloopt. In 1990 brandt de 3035 uit, vijf jaar later gevolgd door de 3008. Ook deze twee rijtuigen worden niet hersteld.

In de loop van de jaren '90 neemt het postvervoer per spoor steeds verder af. Doordat steeds meer werkzaamheden aan het spoor in de nacht plaatsvinden, zijn de ritten steeds lastiger te plannen. Bovendien neemt het vervoer per vrachtwagen snel toe. In de laatste jaren van het postvervoer per spoor verkoopt de PTT verschillende motorposten aan NS.

In 1992 is de 3032 aan NS verkocht en verbouwd tot ATB-meetrijtuig. Het rijtuig komt in juni dat jaar in dienst in een geel-grijze uitvoering met opvallende bestickering. Het rijtuig vervangt het oude blokkendoos-meetrijtuig Jules. Later krijgt de voormalige motorpost het nummer BRT-91 en de naam mP Jules. Ook krijgt het motorrijtuig de nieuwe gele kleurstelling van Eurailscout. In 1995 neemt NS opnieuw een aantal motorpostrijtuigen over. De rijtuigen gaan voornamelijk met onderdelen tussen verschillende werkplaatsen rijden. 

De voormalige motorposten 3030 en 3027 worden ruim tien jaar voor verschillende klussen ingezet. Het grootste deel van deze tijd staan ze echter stil in Amersfoort. Zo ook op 5 juni 2004.In mei 1997 komt na 154 jaar een einde aan het postvervoer per spoor. Alle overgebleven motorposten gaan het jaar daarvoor al officieel over naar NS Cargo. De vervoerder heeft onder andere plannen om voormalige motorposten in te zetten in het vervoer van bloemen tussen Hoofddorp en Groningen. Met het beëindigen van het postvervoer worden de meeste motorposten terzijde gesteld. De zeven overgebleven rijtuigen rijden voornamelijk werkplaatstreinen en wegleerritten. NS Cargo verwijdert bij deze rijtuigen de PTT-stickers.

De laatste voormalige motorposten zijn als meetrijtuigen Jules en Jim nog in heel Nederland te zien. In tegenstelling tot hun tijd bij de PTT rijden ze nu ook op de niet geëlektrificeerde baanvakken. Op 10 juni 2007 is loc 203-2 van Volker met mP Jules bij Eefde onderweg van Hengelo naar Amersfoort. Op 30 mei 1999 is het sternet tussen de werkplaatsen gewijzigd in twee rondritten. Hiervan wordt slechts één rit met een voormalige motorpost gereden. Behalve de 3027 en 3030 gaan de overgebleven motorposten van NS Cargo die dag terzijde. De 3030 wordt in oktober 1999 in de rode kleurstelling van de goederenvervoerder geschilderd. In 2001 en 2002 is het grootste deel van de overbodige motorposten gesloopt.

Op 19 juni 2012 staat voormalig motorpost en meetrijtuig 3029 voor de oude werkplaats van Strukton in Zutphen. Het rijtuig is onderdelenleverancier voor de twee motorposten van Eurailscout.De 3024, 3029, 3033 en 3034 worden in de loop van het jaar 2000 omgebouwd tot meetrijtuig voor ETCS/ERTMS. De eerste twee motorposten rijden met een installatie van Bombardier testritten tussen Zwolle, Groningen en Leeuwarden. De andere twee rijden in Zuid-Nederland met een installatie van Alsthom. De vier voormalige motorposten zijn net als de 3030 volledig rood geschilderd. Op 1 oktober 2008 gaat het viertal terzijde. De 3024 en 3029 gaan hierna over naar Eurailscout. Hier wordt de 3024 omgebouwd tot meetrijtuig BRT-08. Het rijtuig krijgt dezelfde gele kleurstelling als de BRT-91. De voormalige motorpost krijgt de naam mP Jim, als eerbetoon aan het gelijknamige blokkendoos-meetrijtuig. De 3029 dient als onderdelenleverancier en wordt in Zutphen, later Amersfoort gestald.

Ondertussen gaat de 3027 in december 2007 buiten dienst. In juni 2008 volgt de 3030. In juni 2009 zijn beide voormalige motorposten samen met de 3033 en 3034 gesloopt.

INZET

De laatste voormalige motorposten worden in hun nadagen amper ingezet. De 3030 brengt op 15 april 2008 bij Holten het gemoderniseerde SGM-treinstel 2141 van Bad Bentheim naar Leidschendam.De 35 motorpostrijtuigen bedienen vanaf najaar 1966 de 35 poststations met aparte posttreinen. De treinen rijden zo'n twee à driemaal per avond. In 1979 wordt het binnenlandse postvervoer per spoor geheel gereorganiseerd. De stroomlijnrijtuigen en andere getrokken rijtuigen verdwijnen uit de postdienst. Voor de dienst met de motorposten bouwt Talbot in Aken 62 speciale postwagons. De resterende 33 motorposten rijden dagelijks vijf slagen tussen de 17 expeditieknooppunten en het postoverslagbedrijf in Utrecht als centrum van het zogenaamde sternet. In de loop van de jaren '80 neemt het aantal knooppunten af naar tien stuks. In Deventer en Eindhoven zijn kleine expeditieknooppunten die niet dagelijks worden bediend.

Motorpost 3020 en Plan V 422 staan op 12 juni 1995 in Maastricht.Begin jaren '90 neemt het aantal diensten van de motorposten geleidelijk af. In mei 1997 rijden de laatste posttreinen. NS Cargo zet vanaf 1995 al enkele motorpostrijuigen voor het vervoer van onderdelen tussen werkplaatsen in. Ook voor dit vervoer is een speciaal sternet ontwikkeld. In 1999 wordt het sternet gewijzigd in twee rondritten langs werkplaatsen. Alleen de rit tussen Tilburg en Maastricht rijdt nog een motorpost. De motorrijtuigen zijn de laatste jaren slechts incidenteel ingezet. Zo rijden ze een aantal jaar in de herfst met Sandite-installaties op verschillende baanvakken. Ook gebruikt Railion ze voor overbrengingsritten. De laatste motorpost rijdt nog tot de zomer van 2008 voor de goederenvervoerder.

MUSEUMMATERIEEL

Op 12 februari 2017 haalt de Motorpost van het Spoorwegmuseum drie rijtuigen van het museum op in Apeldoorn. De rijtuigen hebben enkele maanden op het terrein van de VSM gestaan om ruimte te maken in het Spoorwegmuseum. Op de foto de opvallende combinatie bij doorkomst in Den Dolder.Motorpost 3031 is in 1997 samen met één van de postrijtuigen uit 1979 opgenomen in de collectie van het Nederlands Spoorwegmuseum. Het rijvaardige motorrijtuig is in 2005 en 2006 gereviseerd en teruggebracht in de oorspronkelijke bruine kleurstelling. Het Spoorwegmuseum gebruikt de motorpost regelmatig voor het overbrengen van materieel.