Verplaatste objecten

In 1881 wordt de Staatslijn tussen Zwolle en Almelo in gebruik genomen. De spoorlijn kruist enkele kleine waterwegen met eenvoudige vakwerkbruggen. Ten oosten van Zwolle kruist de lijn de Soestwetering. De brug uit 1881 is in 1998 vervangen door een betonnen exemplaar. In tegenstelling tot veel vergelijkbare bruggen is de constructie niet gesloopt maar hergebruikt. Sinds 2000 maakt de brug deel uit van de wandelroute tussen het Zwolse station en een bedrijventerrein met scholencomplex ten westen van het station. Voor de overspanning van de waterpartij langs de Hanzelaan is de brug met twee segmenten ingekort. De brug krijgt de toepasselijke naam 'De Voetspoorbrug'.

In het Nederlands Openluchtmuseum in Arnhem zijn slechts twee bouwwerken te vinden die lange tijd eerder van betekenis zijn voor het Nederlandse spoorwegnet. Het meest in het oog springende gebouw is de grote Tielse overslagloods van Van Gend & Loos die sinds 2007 compleet met een korte spoorlijn, enkele goederenwagens en Locomotor 285 bij de tramremise staat. Het eerste spoorse gebouwtje dat in het museum is neergezet, is echter het karakteristieke urinoir dat tot 2000 voor het Deventerse station staat.

Met het oog op de uitbreiding van het Arnhemse station is een groot deel van de bebouwing rond het station aan het begin van de 21e eeuw gesloopt. Ook het karakteristieke entreegebouw aan de Sonsbeekzijde moet plaats maken voor de uitbreiding van het aantal sporen. Het zeskantige paviljoen is echter van dusdanige architectonische, cultuurhistorische én iconische waarde dat het bewaard blijft. In 2010 is het gebouwtje gedemonteerd en in 2012 is het ruim drie kilometer oostwaarts weer opgebouwd in park Presikhaaf. Hier doet het dienst als horecagelegenheid T-HUIS.

Aan het eind van de negentiende eeuw krijgt Utrecht Centraal nieuwe overkappingen. Drie perronkappen en twee hoge kappen over de tussenliggende sporen vormen een overdekt geheel van 50 bij 335 meter. Vanaf eind jaren '60 zijn de kappen geleidelijk gesloopt. Zo maken ze plaats voor de nieuwe traverse tussen de stationshal en de Jaarbeurs en later voor de uitbreiding van de stationshal. In 2002 verdwijnen de laatste kappen over de sporen. In 2010 en 2011 zijn de laatste perronkappen verwijderd. Een deel van deze kappen verrijst drie jaar later op het nieuwe Berlijnplein in Leidsche Rijn Centrum, bovenop de A2. Door de kappen naast elkaar te zetten, is het zogenaamde Perron 9 over een gebied van 30 bij 35 meter overdekt.