Leeuwarden

Het stationsgebouw van Leeuwarden op 2 april 2016.
Station Leeuwarden
Lw
Opening: 27 oktober 1863
 
Spoorlijn(en): Harlingen - Nieuweschans km 26,0
  Arnhem - Zwolle - Leeuwarden km 166,2
  Leeuwarden - Stavoren km 0,0
  Leeuwarden - Anjum km 0,0
Links: Sporenplan  
  NS Stationsinfo  

In oktober 1863 nemen de Staatsspoorwegen het stationsgebouw van Leeuwarden als tijdelijk eindpunt van de Staatslijn van Harlingen naar Groningen en Duitsland in gebruik. De Friese hoofdstad krijgt net als bijvoorbeeld Harlingen en Winschoten aan dezelfde lijn een standaard stationsgebouw van het oorspronkelijke type derde klasse. Het symmetrische gebouw heeft een hoog middendeel en twee korte lage zijvleugels. Beide zijvleugels krijgen relatief lange terugstaande eindvleugels. Straat- en perronzijde zijn vrijwel gelijk.

In 1866 is de spoorlijn doorgetrokken naar Groningen. Twee jaar later bereikt ook de Staatslijn uit Zwolle Leeuwarden en is het stationsgebouw vergroot. Hierbij zijn de twee zijvleugels verbreed en ongeveer in het midden voorzien van een fronton. De verbrede vleugels staan door de verbreding verder naar voren dan het middendeel. Voor dit middendeel komt een luifel. In 1890 is de indeling van het station aanzienlijk gewijzigd. Ter hoogte van het station komt een groot binnenplein waar vijf kopsporen eindigen. Aan het eind van het plein ligt het enige doorgaande perronspoor. Boven het plein komen twee grote sikkelvormige kappen. Na de sloop van de Zwolse perronkap is de kap van Leeuwarden de laatste stationskap met sikkelspanten. Op het binnenplein komen enkele houten gebouwen. Het stationsgebouw is aan beide zijden uitgebreid met een bijna vierkant eindgebouw. De luifel van het middendeel maakt plaats voor een nieuw voorgebouw waardoor de gevel weer gelijk loopt met die van de zijvleugels.

De oostzijde van station Leeuwarden op 19 april 2014.In 1904 krijgt het stationsgebouw een geheel nieuw vierkant middendeel. Boven de toegangsdeuren komt een groot halfrond venster. Datzelfde jaar krijgt het middenplein aan de oostzijde een glazen wand. In 1924 is de linker zijvleugel verbouwd. In de gevel komen extra deuren en vensters en het fronton verdwijnt. Hierdoor zijn de zijvleugels niet langer gespiegeld.

In de loop der jaren is de indeling van het gebouw regelmatig aangepast. De buitenzijde blijft nagenoeg ongewijzigd. De laatste verbouwing vindt plaats in 2000 waarbij het gebouw gedeeltelijk in de oorspronkelijke staat is gerenoveerd en de perronzijde een glazen serre krijgt. Zo'n vijftien jaar later zijn de perronkappen en een deel van de kappen boven het binnenplein, die in zeer slechte staat zijn, gedemonteerd om te worden gerestaureerd.

Het stationscomplex is intussen sinds 1982 een rijksmonument.