De grensoverschrijdende verbinding tussen Enschede en Gronau kent decennialang een sluimerend bestaan. Het marginale vervoer zorgt ervoor dat de verbinding in 1981 definitief sluit. Twintig jaar later is het spoor echter geheel vernieuwd en gaat vanuit Enschede een frequente treindienst naar Münster en Dortmund van start. Weer twintig jaar later ontstaan aan beide zijden van de grens plannen om de nu succesvolle verbinding verder te moderniseren en te elektrificeren.

De grensoverschrijdende verbinding tussen Enschede en Gronau kent een bijzondere geschiedenis. De spoorlijn is, als onderdeel van de eerste staatsaanleg, bedoeld als schakel tussen het Nederlandse en Duitse spoorwegnet. Nog voordat de lijn gereed is, kiezen de Staatsspoorwegen echter al voor de bestaande verbinding via Oldenzaal. Het is één van de eerste trajecten waar de concurrerende SS en HSM gezamenlijk gebruik van maken. De ‘zijtak’ naar Gronau is na de opening vooral van belang voor het goederenvervoer. Via de grensoverschrijdende verbinding worden voornamelijk kolen en andere grondstoffen aangevoerd ten behoeve van de Twentse industrie.

De zwanenzang van een internationale hoofdlijn

Een uitzondering op het beperkte regionale reizigersvervoer via Gronau wordt gevormd door enkele doorgaande treinen naar Münster, bestaande uit rijtuigen uit Amsterdam, Den Haag en Zwolle. Na de Tweede Wereldoorlog is het reizigersvervoer enkele jaren gestaakt. Vanaf 1951 gaan echter weer enkele reizigerstreinen rijden. Een jaar later rijden ook weer enkele doorgaande rijtuigen tussen Amsterdam en Münster. In 1968 heft NS de laatste doorgaande trein weer op. Hierna rijdt de Deutsche Bundesbahn dagelijks nog zo’n vijf reizigerstreinen over het traject. Begin jaren ’70 wil DB het baanvak sluiten. Vanaf 1976 rijdt de vervoerder dan ook alleen nog het wettelijk minimum van één reizigerstrein per richting per dag. Om roestvorming en daarmee detectieproblemen te voorkomen, rijdt NS tweemaal per dag met een leeg treinstel tussen Enschede en Glanerbrug. Het duurt nog tot 1981 tot de reizigersdienst definitief is opgeheven.

De wedergeboorte van een regionale zijlijn

Al vanaf 1985 volgen verschillende initiatieven om het reizigersvervoer te hervatten. Het duurt echter tot 1999 tot de reactivering van het baanvak begint. De spoorlijn is hierbij geheel opgebroken en opnieuw aangelegd. In november 2001 gaat de reizigersdienst tussen Enschede en Gronau weer van start. Tussen beide plaatsen komen twee nieuwe haltes: Enschede De Eschmarke en Glanerbrug. Om geen ingewikkelde constructies met de beveiliging te hoeven maken, is de aansluiting op de rest van het Nederlandse spoorwegnet voor de heropening ongedaan gemaakt. Voor het eerst sinds het bestaan van de verbinding gaat op het traject een frequente treindienst van start. Eenmaal per uur rijdt de DB Regionalbahn Westfalen een stoptrein Enschede – Münster. De Prignitzer Eisenbahngesellschaft rijdt het andere halfuur een stoptrein Enschede – Dortmund. Vanaf december 2011 worden beide treindiensten verzorgd door DB Regio NRW.

Op naar de elektrificatie

Het succes van de verbinding blijft ook bij de regionale overheden niet onopgemerkt. Zo wil de provincie Overijssel sinds de decentralisatie van het spoorwegnet de treindienst tussen Zwolle en Enschede doortrekken naar Münster. Aan Duitse zijde ontstaan concrete plannen om vanuit Gronau zowel de lijn naar Münster als naar Dortmund te elektrificeren. Door de elektrificatie zou tussen Enschede en Gronau echter juist een ‘dieseleiland’ ontstaan.

Na de elektrificatie van de lijnen van Zwolle naar Kampen en Wierden in 2017, wil de provincie Overijssel ook de traditionele dieseltreinen op de laatste niet geëlektrificeerde lijnen vervangen. In juni 2023 kiest de provincie definitief voor elektrificatie van de verbindingen tussen Zutphen en Hengelo en tussen Almelo en Mariënberg. Ook de lijn naar Gronau moet onder draad gebracht worden. Het liefst ziet de provincie hierbij ook de ‘knip’ in Enschede ongedaan gemaakt worden zodat de gewenste rechtstreekse verbinding tussen Zwolle en Münster gerealiseerd kan worden.

Nadat het Rijk halverwege april 2024 toezegt bij te dragen aan de elektrificatie van de twee binnenlandse verbindingen, wordt op 27 april 2024 bekend dat de overheid ook meebetaalt aan het vooronderzoek van de elektrificatie van de spoorlijn tussen Enschede en Gronau. ProRail vraagt voor een dergelijk onderzoek zijn ruim 1,5 miljoen euro. Provincie en het Rijk betalen hierbij elk 750.000 euro.

In 2028 moet het baanvak Gronau - Münster elektrisch berijdbaar zijn. Om het doorgaande treinverkeer met Enschede in stand te houden, investeert het kabinet ook in de elektrificatie van het baanvak Enschede - Gronau. Op 8 oktober 2022 vertrekken dieseltreinstellen 643 068 en 643 059 als stoptrein van Enschede naar Münster Hbf uit Gronau.

Zodra de Maaslijn is geëlektrificeerd, is Overijssel samen met Groningen, Friesland en Gelderland één van de laatste Nederlandse provincies waar nog dieseltreinen in het reizigersvervoer te vinden zijn. Na de elektrificatie van de lijnen van Zwolle naar Kampen en Wierden in 2017, wil de provincie ook de traditionele dieseltreinen op de laatste niet geëlektrificeerde lijnen vervangen. Omdat elektrificatie van de baanvakken Hengelo – Zutphen, Almelo – Mariënberg en Enschede – Gronau te duur lijkt, kiest de provincie in september 2022 voor de aanschaf van batterijtreinen. Nadat nieuwe berekeningen uitwijzen dat dit meer geld kost dan verwacht, kiest de provincie alsnog voor elektrificatie. In april 2024 wordt bekend dat het Rijk hieraan meebetaalt.

Lees meer over de financiële bijdrage voor het vooronderzoek op rtvoost.nl

Sinds de reactivering van de spoorlijn tussen Enschede en Gronau rijden de Duitse Talent-treinstellen op de verbinding. Inmiddels zijn de stellen aan vervanging toe. Hiervoor worden de aansluitende Duitse baanvakken geëlektrificeerd. Op de foto boven dit artikel is DB Talent 643 038 op 15 augustus 2015 bij Glanerbrug onderweg van Enschede naar Dortmund.