Vanwege strengere Europese regelgeving is sinds de zomer van 2022 al minder museummaterieel op de hoofdspoorlijnen te zien. In november 2022 moet ook oudgediende 1315, die via Fairtrains voor commerciële inzet wordt verhuurd, aan de kant blijven staan. Omdat de vaste werkplaats niet voldoende gedocumenteerde kennis in huis heeft van de locomotieven uit de serie 1300, moet Fairtrains op zoek naar een certificaathouder of een eigen certificaat voor het onderhoud van de 66 jaar oude loc verwerven.

Na een weinig succesvol avontuur bij HSL Logistik ontfermt Fairtrains zich in 2018 over E-locs 1304 en 1315. Tussen april en december dat jaar knapt de stichting de 1304 weer op. Hierna rijdt de loc een aantal ritten voor goederenvervoerder Rail Force One. Intussen is ook de 1315 weer rijvaardig gemaakt. De locomotief is vanaf februari 2020 bedrijfsvaardig en krijgt de daaropvolgende periode een eigentijdse variant van de klassieke Berlijns blauwe kleurstelling. Vanaf december 2020 biedt Fairtrains de locomotief voor verhuur aan en krijgt de 1304 de status van reserve. In afwachting van een huurder maakt de 1315 af en toe een uitstapje buiten standplaats Blerick.

Eind 2021 tonen meerdere partijen interesse en bereikt Fairtrains met HSL Netherlands een overeenstemming over de eerste commerciële inzet van de klassieke locomotief. Op 28 februari 2022 maakt Fairtrains bekend dat HSL de locomotief inclusief machinist als reserve voor het eigen materieelpark inhuurt. Op 6 maart 2022 keert de 1315 na ruim twintig jaar terug in het Nederlandse goederenvervoer.

De 1315 rijdt in 2022 in totaal 22 treinen voor HSL Netherlands. Sinds November staat de inmiddels 66 jaar oude locomotief echter vanwege een strengere regelgeving werkloos stil. Net als alle vervoerders, aannemers en museumverenigingen is Fairtrains verplicht de locomotief te onderhouden bij een ECM IV gecertificeerd bedrijf. In eerste instantie is het voldoende dat Fairtrains bepaalt wanneer welk onderhoud wordt uitgevoerd. Dit wordt vervolgens uitbesteed aan een erkende gecertificeerde werkplaats zoals Jacko Fijn Techniek. Vanaf 16 juni 2022 is de regelgeving aangescherpt. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen de verschillende punten die bij het onderhoud van railvoertuigen komen kijken. Voortaan moet niet alleen de werkplaats voldoende gecertificeerd zijn, maar ook degene die verantwoordelijk is voor het onderhoud en de veilige technische staat van de trein. Als kleine organisatie heeft Fairtrains, net als verschillende andere vervoerders en museumverenigingen, deze ECM I-certificering uitbesteed.

In eerste instantie lijkt dat de vaste werkplaats ook de ECM I voor Fairtrains te kunnen voorzien. In november komt echter het bericht dat de laatste revisie aan de 1315 in Tilburg in 1996 onvoldoende gedocumenteerd is en de huidige werkplaats zo te weinig kennis van de locomotieven uit de serie 1300 heeft en geen ECM I kan zijn voor de loc. Fairtrains heeft hierop, nog zonder resultaat, andere partijen aangeschreven om in de ECM I te voorzien. Mocht dit niet lukken, dan gaat Fairtrains kijken om samen met andere partijen zonder ECM I alsnog zelf de certificering zelf te behalen.

Vooralsnog lijkt het er niet op dat de 1315 snel weer in actie komt. Dit geldt bijvoorbeeld ook voor het materieel van het Spoorwegmuseum dat ook nog op ECM I-certificering wacht. Het museum verwacht in de loop van het voorjaar van 2023 weer te mogen rijden.

Lange tijd heeft elke EU-lidstaat eigen regels rondom het onderhoud van rollend materieel en de bijbehorende veiligheidseisen. Vanaf 2010 wordt dit met de invoering van zogenaamde ECM-regels gelijkgetrokken voor goederenwagens. ECM staat hierbij voor Entity in Charge of Maintenance. Voor al het andere spoorwegmaterieel is ECM-certificering vrijblijvend. In 2019 is besloten dat per 16 juni 2022 ECM-certificering vereist is voor het onderhoud van alle andere railvoertuigen. De gecertificeerde werkplaatsen zijn verantwoordelijk voor het veilig functioneren van het voertuig en voor de conformiteit met de relevante technische specificaties voor interoperabiliteit. Daarnaast moet de ECM toezien of de onderhoudsprocessen voldoen aan de wetgeving. Het is de verantwoordelijkheid van de ECM om de activiteiten over de vier gedefinieerde ‘functies’ van het onderhoudsproces te coördineren. De ECM kan een spoorwegonderneming zijn, een voertuigeigenaar of een Infrastructuurbeheerder met eigen voertuigen. Een officieel geregistreerde ECM wordt altijd verondersteld de functie ‘ECM I’ uit te voeren. Ze kunnen ook de overige functies II, III of IV in eigen beheer uitoefenen of ervoor kiezen om een ​​of meer van de functies te delegeren aan een externe partij. Een ECM II verzorgt de onderhoudsontwikkelingsfunctie, beheert de onderhoudsdocumentatie en onderhoudsinstructies, houdt deze actueel en stelt deze zo nodig bij. Een ECM III bewaakt de termijn waarbinnen onderhoud moet worden gedaan. Tenslotte is ECM IV de partij die het onderhoud daadwerkelijk uitvoert.

Op de foto boven dit artikel is de 1315 op 12 juni 2021 voor het eerst in lange tijd weer eens op pad. Die avond is de loc even voor Horst-Sevenum onderweg van Blerick naar Nijmegen om daar locomotor 314 en een verblijfswagen op te halen. Uiteindelijk wordt de 314 per dieplader overgebracht.