Harlingse havensporen

In de beginjaren van de spoorwegen in Nederland zijn er al snel plannen voor een verbinding tussen Engeland en het Koninkrijk Hannover via Harlingen, op dat moment de derde haven van Nederland. Al in 1845 vraagt North and Baltic Sea Railway een concessie aan voor de aanleg van de internationale verbinding naar Bremen en Hamburg. Door tegenwerking van Hannover gaan de plannen, net als latere vergelijkbare plannen, niet door. In het kader van de Eerste Staatsaanleg is twee decennia later alsnog een spoorwegverbinding tussen de Harlingse haven en het Hannoverse achterland aangelegd. Op dat moment zijn er al verschillende snellere verbindingen tussen Engeland en Duitsland en is de lijn eigenlijk alleen nog van regionaal belang. Desondanks heeft Harlingen nog altijd een station in de haven. Buiten één reizigersspoor resteren van het emplacement alleen nog enkele sporen in de bestrating.

Op het haventerrein is een rode vultrechter uit het begin van de twintigste eeuw verbouwd tot hotelkamer. Onder de trechter zijn nog twee kadesporen terug te zien. Harlingen, 11 januari 2020.De spoorlijn van Harlingen naar Leeuwarden, Groningen en de grens bij Nieuwe Schans is vanaf oktober 1863 in etappes in gebruik genomen. Wanneer de spoorlijn in 1876 eindelijk op het dan inmiddels Pruisische spoorwegnet is aangesloten, bestaan al diverse concurrerende spoorlijnen waardoor kortere vaarverbindingen van en naar Engeland mogelijk zijn. Een doorgaande verbinding tussen Engeland en Duitsland via Harlingen komt dan ook nooit van de grond. Desondanks krijgt de Harlingse veerhaven, als werkelijk startpunt van de verbinding, een eigen halte naast het hoofdstation van de stad. De halte bij de Oude Veerhaven heeft echter geen voorzieningen en wordt slechts sporadisch gebruikt voor het reizigersvervoer. In 1877 opent prins Hendrik bij het beginpunt van de spoorlijn de Nieuwe Willemshaven. Bij de op- en overslaghaven komt een bescheiden spoorwegemplacement. In de loop der jaren breidt het aantal sporen verder uit en komen er tussen het hoofdstation en de haven verschillende bedrijfsaansluitingen.

Stalen D 6066 uit 1932 bij het Entrepotgebouw uit 1904. Harlingen, 11 januari 2020.In 1961 is de nieuwe veerhaven in gebruik genomen. De bijbehorende halte is tegelijkertijd zo'n 600 meter richting de Waddenzee verplaatst. De start van de kilometrering van Staatslijn B is hierdoor sindsdien -0,6. Op één van de twee perronsporen zet NS een goederenwagon met een loket neer. Zes jaar later wordt, binnendijks, tussen Harlingen en Harlingen Haven een laadstation voor de VAM in gebruik genomen.

In 1970 is de loketwagon vervangen door een vierkant houten gebouwtje met loket. Twintig jaar later is het gebouwtje alweer verwijderd. Enkele jaren later rijden de laatste goederentreinen naar Harlingen. In 1992 sluit de laad- en losplaats en vindt alleen op contractbasis nog huisvuil- en aardappelvervoer plaats. In 1996 rijden de laatste goederentreinen.

Station Harlingen Haven is in maart 2009 gesloten om plaats te maken voor een nieuwe kademuur en nieuw binnendijks station. In juni 2010 zijn de kademuur en het nieuwe enkelsporige station in gebruik genomen. Aan de andere kant van de kademuur wordt de daaropvolgende jaren het terrein van de Willemshaven opgeknapt en van industriële haven omgevormd tot aantrekkelijk toeristisch gebied. Hierbij blijven, naast enkele karakteristieke bouwwerken, ook de laatste restanten van het emplacement in de bestrating bewaard. In juli 2019 is op één van de sporen ter hoogte van het monumentale Entrepotgebouw een stalen bagagerijtuig van NS neergezet. Stalen D 6066 uit 1932 is eerder actief bij de SHM en eigendom van Stichting 162. Het rijtuig is in 2016 overgenomen door de Gemeente Harlingen en fungeert na een opknapbeurt als informatiecentrum.