De Noord-Friesche Lokaalspoorweg-Maatschappij legt aan het begin van de 20e eeuw ten noorden van Staatslijn B enkele lokaalspoorlijnen aan. In aansluiting op de spoorlijn van Leeuwarden via Stiens en Dokkum naar Metslawier legt de spoorwegmaatschappij vanuit Stiens een westelijke tak naar Harlingen en Franeker aan. Het baanvak Stiens – Tzummarum is in december 1902 gereed. Een jaar later zijn Midlum-Herbaijum en Franeker Halte vanuit Tzummarum bereikbaar. Wanneer in mei 1904 de brug over de Harlinger Trekvaart, het latere Van Harinxmakanaal, gereed is, wordt in het baanvak tussen Midlum-Herbaijum en de aansluiting met Staatslijn B bij Harlingen geopend. In Harlingen maken de treinen van de NFLS ruim twee kilometer gebruik van de Staatslijn. In Franeker eindigt de zijtak vanuit Tzummarum bij het tijdelijke station Franeker Halte. Het is de bedoeling de spoorlijn later door te trekken naar het station van de Staatsspoorwegen. Een derde overbrugguing van de Harlinger Trekvaart blijkt echter al snel te duur. Franeker Halte blijft hierdoor tot de sluiting van de spoorlijn het eindstation van de zijtak. De economische situatie en concurrentie van bus en vrachtwagen zorgt ervoor dat het baanvak Tzummarum – Franeker al in 1933 is gesloten voor het reizigersvervoer. Het goederenvervoer eindigt in 1935. Een jaar later is de zijtak opgebroken.

In mei 1935 heft NS ook het reizigersvervoer tussen Tzummarum en Harlingen op. Een jaar later volgt ook het baanvak Stiens – Tzummarum. In januari 1938 is het baanvak Midlum-Herbaijum – Harlingen ook voor het goederenvervoer gesloten. In de eerste maanden van de Tweede Wereldoorlog rijdt de NTM met reizigerstrams tussen Stiens en Tzummarum. Het baanvak Tzummarum – Midlum-Herbaijum is eind 1942 gesloten en opgebroken. Ondertussen sluit NS in 1939 ook de NTM-tramlijn tussen de aansluiting Mooie Paal bij Minnertsga en Beetgumermolen aan op de NFLS-lijn. De resterende delen van de tramlijn tussen Mooie Paal en Sint Jacobiparochie Zuid enerzijds en tussen Beetgumermolen en Leeuwarden anderzijds kunnen hierdoor worden gesloten en opgebroken.

Na de oorlog blijft het resterende deel van de NFLS-lijn blijft samen met de tramlijn zo’n 25 jaar in gebruik voor het goederenvervoer. De lijn wordt net als de oostelijke tak vooral gebruikt voor de afvoer van aardappelen en andere landbouwproducten en de aanvoer van steenkool. Terugloop en centralisatie van het goederenvervoer zorgt ervoor dat NS eind 1961 het baanvak Minnertsga – Tzummarum sluit en enkele jaren later opbreekt. De tramlijn Mooie Paal – Beetgumermolen volgt in 1967. Het traject Stiens – Minnertsga sluit tenslotte in september 1971. Dit baanvak is als laatste deel van de westelijke tak van de NFLS in 1980 opgebroken.

Restanten van de spoorlijn Stiens – Harlingen

Net als bij de oostelijke tak, zijn ook van de westelijke tak van de NFLS-lijn diverse restanten van de vroegere spoorlijn terug te vinden in het landschap. Vooral in en om de woonkernen zijn vaak paden op het oude tracé gelegd. Daarnaast zijn ook veel stationsgebouwen nog aanwezig. Op diverse plekken staan bovendien nog bruggehoofden. Deze zijn al dan niet verbonden door een fiets-/voetgangersbrug.

Klik hier voor een impressie van de restanten van de spoorlijn Stiens – Harlingen.

De oude spoorwegovergang bij Oude Leije is inmiddels een verkeersdrempel, voorzien van bijpassend straatmeubilair. Op de achtergrond het naastgelegen stationsgebouw van Vrouwbuurtstermolen.

DIENSTREGELING

De NFLS rijdt dagelijks met zo’n zes treinen tussen Stiens en Harlingen. Een deel van de treinen rijdt van en naar Leeuwarden. In de diverse treinen rijden ook enkele rijtuigen mee voor Franeker, deze worden in Tzummarum afgekoppeld. Ook rijden enkele pendeltreinen tussen Tzummarum en Franeker Halte. Op marktdagen rijden extra treinen op de verbinding. In de loop der jaren gaan alle treinen van en naar Leeuwarden rijden. Het grootste deel van de treinen rijdt tussen Leeuwarden en Stiens gecombineerd met de treinen richting Dokkum.

Van mei tot december 1940 rijdt de NTM dagelijks met drie, later vier trams tussen Leeuwarden en Tzummarum. Wanneer tijdens enkele winters in de jaren ’40 en ’50 de wegen in de regio onbegaanbaar zijn, rijdt NS enkele weken met reizigerstreinen op het traject.